definitie van superego

Het superego is een concept dat wordt gebruikt binnen de psychoanalytische theorie van Freud. De auteur specificeert dat het superego de som is van die informatie die de proefpersoon heeft geïnternaliseerd vanuit overtuigingen die pijnlijk hadden kunnen zijn en die in de meeste gevallen werden geleerd door de invloed van het gezin in een eerste levensfase door de indicaties van de normen die differentiëren wat was goed of fout en ook, door die verboden handelingen volgens familiewaarden die een directe invloed hebben op de moraal van het onderwerp gedurende zijn hele leven.

Invloed van de sociale omgeving

Niet alleen het gezin heeft echter een grote invloed op de vorming van de volwassen persoonlijkheid, maar ook de samenleving heeft een opmerkelijke invloed op de omgeving.

De culturele omgeving van een persoon en de invloed van sociale gewoonten creëren ook een afdruk op de persoonlijke perceptie van het subject van bepaalde handelingen.

De structuur van de menselijke geest

Freud concludeert dat er een structuur van de geest is die in drie gebieden is ingedeeld:

1. De id (ook bekend als Ello) is die sectie die informatie over mogelijke trauma's en gegevens van bewustzijn die onbewust zijn, integreert. Vanuit dit oogpunt is dit deel het meest ontoegankelijk voor het onderwerp. Een duister deel van de persoonlijkheid.

2. Een ander deel van de menselijke geest is het ego (ook bekend als ik). Op dit niveau van de werkelijkheid stroomt informatie over het objectieve zelf, dat wil zeggen, het toont het bewuste deel van de geest. Het ego wordt beheerst door het plezierprincipe, maar in dit rijk van de werkelijkheid kan de mens reflecteren tussen plicht en plezier en de gevolgen van daden inschatten.

3. Het derde deel is het Superego (ook bekend als Superego) en verwijst naar het morele geweten dat specifieke oordelen velt. Deze sectie toont die morele gedachten die hun oorsprong vinden in de opvoeding tijdens de kindertijd en in de sociale omgeving. Het is een structuur die ontstaat als resultaat van een proces van internalisatie van de figuur van de vader (theorie van het oedipuscomplex in de psychoanalyse).